zaterdag 27 september 2008

Laattijdig verslag van ons eerste uitstapje

Kweet dat vele mensen in spanning wachten op updates van mijn blog en hierbij beloof ik plechtig dat ik mijn best doe en zal blijven doen om mijn blog up-to-date te houden in de mate van het mogelijke. Het probleem is echter dat internet hier niet altijd even vlot werkt om maar niet te zeggen dat het soms gewoon niet werkt...

Het afgelopen weekend, van vrijdag 19 september tot en met maandag 22 hebben Ruben en ik voor de eerste maal Chongqing-stad achter ons gelaten en op verkenning geweest in het Wulong-district 武隆 van Chongqing-provincie, een populaire trekpleister voor Chinezen maar totaal onbekend bij Westerse toeristen. Vol verwachting, want we hadden er al uitgebreid over gelezen in de Lonely Planet (merci Chirovrienden), namen we de bus om na 5u in Jiangkou 江口 aan te komen.
De busconductrice (in China heb je op elke bus een chauffeur en een conductrice) had ons een hotel aangeraden. Vol goede moed betraden we het goeduitziende hotel en vroegen of we eerst de kamers eens konden bekijken voor we boekten; de kamer zag er heel verzorgd uit, twee bedden, airco, tv, Chinees toilet (maar heel proper), room with a view (zie foto)... Nadat we onze onderhandelskills (讨价还价) demonstreerden, boekten we de kamer voor drie nachten voor slechts €4 per nacht/pp. Daarna hebben we die avond niet zoveel meer uitgestoken, gewoon iets gegeten en Jiangkou eens verkend (naar Chinese normen een gehucht, naar onze normen ongeveer zoals Koekelare maar dan met veel meer inwoners).
Na een verkwikkende nachtrust stonden we om 8u op want we hadden een volgeplande dag voor de boeg: we wilden Furong dong 芙蓉洞 "Furong cave" bezoeken en daarna gaan raften. Een redelijk avontuurlijke wandeling bracht ons naar de toeristische toegangsgebouw (in traditionele Chinese bouwstijl, prachtig). De toegangstickets kostten €7 pp, we sloten aan bij een groep Chinese toeristen met gids en daalden af in de grot. Als ik het in één woord zou moeten beschrijven zo ik twijfelen tussen 'fabelachtig' en 'sprookjesachtig'. In elk geval had het uitgebreidde grottencomplex iets magisch, we waanden ons in de 'Mines of Moria' uit LOTR. De rondleiding duurde jammergenoeg slechts een groot uur (de Lonely Planet had ons 2u3O beloofd). We vroegen uitleg een Chinese bewaker, die verantwoordelijk was voor de achterhoede van de groep, waarom we niet de volledige rondleiding konden volgen. Hij legde uit dat de grote "hall" gedeeltelijk was ingestort en daarom momenteel niet toegankelijk was. Hopelijk brengen ze dit snel in orde (wat ik een beetje voor vrees nu al een beetje vertrouwd ben met de Chinese gang van zaken) want er waren nog tal van bezienswaardigheden in de grot die we nu hebben moeten missen. In februari ga ik zeker terug met Marieke en haar ouders, dit mogen ze voor geen geld ter wereld missen (en zoveel geld is het niet).
Na ons speleologie-avontuurtje waren we van plan te raften. De Lonely Planet informeerde ons dat we in de buurt van de grot 3u konden raften voor €7. Omdat er ter plaatse nergens iets stond aangegeven vroegen we had aan een driewiel-taxichauffeur waar we konden raften. Vol overtuiging zei dat we daarvoor in Wulong-stad moesten zijn. Hij voerde ons tot halverwege en daarna namen we een busje. Onderweg realiseerden we dat de Chinees ons de verkeerde richting had uitgestuurd en dat we wel degelijk hadden kunnen raften in de buurt van de grot. Aangestrand in Wulong-stad (zie foto: "Wil je een 'palmboompje' vandaag? Eéntje maar, ik wil er minstens 5!") besloten we dan maar door te reizen naar Xiannüshan 仙女山 "Fairy Maiden Mountain". Dit nationaal park lag op een uur rijden van de stad en stond normaalgezien op het programma van de volgende dag maar om geen tijd te verliezen door een met-onze-voeten-rammelende Chinees waren we erg flexibel met ons reisschema.
€5 verschafte ons toegang tot het natuurpark. We hadden nog een goeie twee uur de tijd vooraleer het begon te schemeren. Ideaal dus om een deel van het park te verkennen. Het landschap herinnerde Ruben en mij aan onze trektocht doorheen Ierland van een jaar geleden; heuvelachtig, grasland, paarden, rotsen...Rohan uit LOTR. Aangezien we "al" €5 (naar Chinese maatstaven is dit duur, kan je minstens 8x Chinees mee gaan eten) toegang hadden betaald, besloten we een slaapplaats te zoeken op Xiannüshan. We vonden een trekkershut (zie foto) met gewoon twee bedden en een licht; net wat we zochten. Prijs €6 per nacht voor twee personen, dus ook al hadden we al een overnachting geboekt in Jiangkou...de rit terug zou ons meer gekost hebben. Na onze setteling gingen we naar een kluitje huizen en aten er samen met enkele Chinezen aan een BBQ-kraampje (zie foto). Dit vind ik persoonlijk super aan China, de mensen leven op straat wanneer ze niet werken, ze eten, sporten, spelen gezelsschapspelletjes (Chinees schaken, Majong of kaarten)...op straat. Als meme en pepe vertellen over hoe het leven er vroeger aan toe ging, dan ben ik altijd jaloers op de oude manier van sociale omgang (kben sowieso al een nostalgisch type)... ik denk dat het hier is zoals bij ons vroeger: SUPER. Op de terugweg naar onze slaapplaats voor het eerst in mijn leven een vuurvlieg gezien: feeëriek!
Zondagochtend vroeg opgestaan om ons druk schema bol te kunnen werken; eerste punt op het programma was een wandeling naar het 'Fairy Maiden Stone'. Onderweg zagen we landbouwers die druk in de weer waren om de oogst binnen te halen. Toen ze de twee buitenlanders opmerkten die vol belangstelling toekeken, was dit voor hen voldoende om een pauze in te lassen en ons ook eens goed te bestuderen. Van hetzelfde laken een broek zeker?! In de verte doemde na een tijdje onze eindbestemming op; twee rotsformaties waarin men de borsten van een vrouw zou moeten zien. Chinezen hebben in elk geval veel verbeelding maar de naam van het park en de rotsen is er wel aan te danken: 'Fairy Maiden...' Ongeacht wat je veronderstelt te zien in de stenen, we hadden er een pittoresk uitzicht over de vallei. Ruben was omwille van zijn hoogtevrees niet echt happig om dicht bij de steile afgrond te komen. De Chinese toeristen hadden minstens evenveel aandacht voor het landschap als voor de twee buitenlanders wat ons een gratis busrit opleverde naar het beginpunt van onze wandeling. Vandaar trokken we te voet richting Wulong-stad en hoopten onderweg opgepikt te worden door een busje... en zo geschiedde.
Halverwege de afdaling naar Wulong-stad stapten we uit want Ruben had een richtingsaanwijzer opgemerkt naar 天生三桥 'Shengtian Sanqiao' ofwel 'The Three Natural Airbridges' wat ons volgende programmapunt was. (Goed gezien Ruben!) Deze plek werd vol lof aangeprezen in de Lonely Planet. Nadat we ons toegangsticket van 50RMB of 5euro betaald hadden en met de lift afdaalden in de 200m diepe kloof, begrepen we maar al te goed waarom; de mooiste natuurpracht die ik van mijn leven heb gezien. In drie woorden; adembenemend, overweldigend en onbeschrijfelijk.

Geen opmerkingen: